Rund

rund_stal

Beweiden Jongvee en Ontwormen

Voor ieder bedrijf is het beweiden van jongvee anders. Hiermee is de opbouw van weerstand tegen maagdarmwormen ook per bedrijf anders. Jongvee moet met maagdarmwormen in contact komen om afweer op te bouwen, echter de besmetting mag niet te zwaar zijn. Hiernaast moeten de dieren ook niet te veel beschermd worden, dat wil zeggen: ze moeten niet te veel ontwormd worden.
Hiervoor zijn schema’s ontwikkeld; ‘sleutel voor de bestrijding van maagdarmworm en longworm’ en ‘parasietenwijzer’. Voor deze handleiding zie de site van de GD, ook veranderingen kunnen hierin worden bijgesteld. Zie ook http://gd-docs.ziezo.biz/sleutel/sleutel_maagdarm-_en_longworm.htm of http://www.parasietenwijzer.nl/

Een belangrijk moment in beweiding ligt rond 1 juli. Als na 1 juli de kalveren op etgroen worden beweid, is ontwormen niet nodig als ze steeds op hetzelfde perceel blijven. Wel moeten ze op dag 0 vrij zijn, dus ontwormd zijn middels kortwerkende ontworming, dat wil zeggen met een injectie Ivomec of Dectomax.

Hiernaast bestaat de mogelijkheid kalveren te beschermen tegen longworm middels longwormvaccinatie, belangrijk is dat deze dieren na vaccinatie wel in contact komen met longworm, maar door vaccinatie en contact hier een zeer goede weerstand tegen opbouwen. Indien kalveren binnen gehouden worden, kan longworm ook bij oudere dieren longproblemen geven, wees hier op verdacht. Ontworm de oudere dieren daarom ook, eventueel in overleg met ons.

Jacobskruid

Meer dan 1 % Jacobskruid in het rantsoen is dodelijk voor rund en paard. Dit betekend 1 plant per 1-10 m2.
Het komt veel voor in bermhooi en vogeltjesland. Daarom : verwijder Jacobskruid vóór het maaien!!

Zonnebrand/Springvuur/’Wild Venijn’

Zonnebrand wordt veroorzaakt door een schimmel in gras, welke kan groeien in een warme vochtige zomer.
Deze schimmel tast de levers van gevoelige runderen aan. En door een ingewikkeld proces in het lichaam is daarna de huid extreem gevoelig voor UV-stralen in het zonlicht. Verschijnselen treden meestal pas op in de nazomer.

Salmonella

rund_Salmonella_smallSalmonellose is een infectie die veroorzaakt wordt door een bacterie, bij het rund zijn dat voornamelijk Salmonella Dublin en Salmonella Typhimurium. S. Dublin komt vooral bij het rund voor. S. Typhimurium komt voor bij vele diersoorten en de mens. Salmonella infecties komen vaak in combinatie voor met andere problemen op het bedrijf, zoals andere infecties of tekorten in de voeding. Binnen een besmetbedrijf verloopt de infectie vooral door direct contact tussen de dieren. Maatregelen die het onderlinge contact tussen de dieren beperken, zijn daarom zeer effectief. Jonge kalveren zijn uitermate gevoelig voor een salmonella-infectie, daarom wordt hier vaak de hoogste graad van infectie (seroprevalentie) vastgesteld.

Symptomen:

Oudere dieren:
  • Hoge koorts
  • Diarree (soms met bloed)
  • Verwerpen
Kalveren:
  • Hoge koorts
  • Diarree
  • Gewrichtsontsteking
  • Longontsteking
  • Evt. afsterven van oor- en staartpunten en klauwtjes

Schade

De schade wordt in de acute fase vooral veroorzaakt door sterfte van dieren en de kosten van de behandeling. In de chronische fase bestaan de kosten vooral uit extra sterfte en extra dierenartskosten. Niet alle bedrijven maken de chronische fase door.

Diagnose

Bij acuut zieke dieren wordt de diagnose gesteld met bacteriologisch onderzoek van de mest. Herhaald onderzoek is noodzakelijk omdat klinisch zieke dieren niet op elk moment Salmonella bacteriën uitscheiden.

Op bedrijfsniveau wordt meestal serologisch onderzoek gebruikt, zowel in de vorm van tankmelkonderzoek als door middel van bloedonderzoek. Door tankmelkonderzoek te combineren met bloedonderzoek bij kalveren van vier tot zes maanden oud wordt op meer dan 90% van de bedrijven met S. Dublin de infectie vastgesteld.

Coccidiose

Helaas zien we nog wel eens coccidiosse bij kalveren. Ongeveer 2-3 weken na opname van de coccidien worden de kalveren ziek, wat zicj in (bloederige) diarree tot ernstige uitdroging kan uiten.
Op de praktijk is een sneltest voor diarree bij kalveren, waarbij rota-, corona virus, cryptosporidium, coli en coccidiose aangetoont kan worden.De behandeling bestaat uit het geven van Baycox of Vecoxan.

Klebsiella mastitis

Afgelopen jaar wordt er steeds vaker Klebsiella aangetoond bij mastitis. Deze mastitis is te vergelijken met een coli-mastitis.
De oorzaak is meestal terug te leiden op het zaagsel. Klebsiella is moeilijk te herkennen omdat dit lijkt op coli-mastitis, het is moeilijk te behandelen. Drager koeien (hoogcelgetal koeien) of driespenen kunnen daarom beter geruimd worden.

Maatregelen om dit te voorkomen:

  • Zaagsel van goede kwaliteit.
  • Zaagsel droog bewaren, niet nat laten worden, zeker niet in contact met grond.
  • Zaagsel dat voorin box ligt niet meer naar achter brengen, zaagsel met speeksel van koe is een bron van besmetting

BVD

BVD is een virus dat wijd verspreid is in de Nederlandse rundveestapel. 60-70 % van de runderen heeft afweerstoffen tegen BVD. Op 80-90 % van de bedrijven worden dieren met afweerstoffen gevonden en op 30-40 % van de bedrijven zijn BVD-dragers aanwezig. BVD kan grote schade veroorzaken bij runderen. Dit kan oplopen tot 500 euro per koe.

Symptomen:

  • Diarree
  • Abortus,
  • Vruchtbaarheidsproblemen
  • Productiedaling
  • Luchtwegproblemen
  • Sterfte
  • Verminderde weerstand

Vaak worden kalveren die BVD hebben niet ouder dan twee jaar, omdat ze doodgaan aan acute diarree of worden afgevoerd, omdat ‘ze het niet doen’.

Het is raadzaam om middels een Quick-scan een indruk te krijgen van de besmettingsgraad. Afhankelijk van de uitslag kunt u de BVD-besmetting op verschillende manieren aanpakken.

In het kort komt het hier op neer:

  • Vrij worden middels bloedonderzoek
  • Vrij worden en vaccineren
  • Niets doen

Vaccineren

Om de belangrijkste infectiebron op het bedrijf ‘de dragers’ uit te uitschakelen. Dragers zijn dieren die tijdens hun dracht in de baarmoeder zijn besmet en het virus daardoor als lichaamseigen beschouwen en het daarom niet uitschakelen met hun afweersysteem. Deze dragers scheiden grote hoeveelheden virus uit en besmetten daardoor nieuwe dieren. De vaccinatie voorkomt dat er nieuwe dragers geboren worden. Verder beschermt het tegen de symptomen van BVD en verbetert het de weerstand van het dier.

Bij starten vaccinatie:

Alle dieren ouder dan 4 maanden moeten tweemaal ge-ent worden met een tussentijd van 4 weken.

Onderhouden vaccinatie:

Elk half jaar alle dieren ouder dan 4 maanden éénmaal enten en de runderen die nog niet eerder zijn geënt moeten na 4 weken weer.

Aanvullende maatregelen:

  • Opsporen en afvoeren van dragers, nieuw is de earcheck zie www.bvd-earcheck.nl/
  • Maatregelen tegen insleep
  • Strikt gebruik van bedrijfskleding

Hiernaast Tankmelk onderzoek

Ongunstig: afweerstoffen gevonden
Gunstig: geen afweerstoffen gevonden

Plan van aanpak:

  1. Ziekte bestrijden
  2. Optimalisatie management
  3. Opsporen van dragers

Status ‘Salmonella onverdacht’

Bewaking status met behulp van periodiek tankmelkonderzoek

GD Salmonellose-onverdacht certificeren

Veehouders met belangstelling kunnen zich schriftelijk of telefonisch aanmelden. Na het invullen, opsturen en verwerken van het aanmeldingsformulier wordt een tweevoudig tankmelkonderzoek met een tussentijd van minimaal 3 en maximaal 7 maanden uitgevoerd. Certificering is mogelijk indien in beide onderzoeken geen afweerstoffen worden aangetoond, interpretatie van de uitslag zie hiernaast. Indien dit gunstig verloopt krijgt u de onverdachtstatus toegekend.

Voor het behoud van het certificaat staat het tankmelkonderzoek centraal, op gecertificeerde bedrijven wordt driemaal per jaar tankmelkonderzoek uitgevoerd. Het certificaat wordt behaald bij een gunstig resultaat én tevens zijn er geen verschijnselen van salmonellose op het bedrijf aanwezig. Bij ongunstige uitslag verliest u het certificaat.

Een richtlijn met betrekking tot de kosten kunt u vinden op de site van de Gezondheidsdienst voor Dieren.