Schaap

schaap_weide

Aflammeren

Verlossen

Als u een schaap de tijd en rust geeft zal ze meestal zelf lammeren. Wanneer moet u wel ingrijpen?

  • Als u de blazen, vruchtvliezen of vruchtdelen hebt gezien en er na twee uur nog geen lam geboren is.
  • Als er langer dan een uur geen vooruitgang in het geboorteproces is gezien.

Als u ingrijpt, moet dat zo hygiënisch mogelijk. Altijd een emmer warm water met ontsmettingsmiddel erbij, de kling/vulva en uw handen wassen. Leg het schaap op haar zij. Gebruik royaal glijmiddel. Wees altijd erg voorzichtig: de baarmoeder en de geboorteweg zijn kwetsbaar. Komt u er niet uit: probeer het kort en wacht niet te lang, maar bel ons.

Eerste opvang van de lammeren

Ontsmet direct na de geboorte altijd de navel. Doe dit door de navel en het restje navelstreng in een jodiumoplossing te dompelen, dat werkt beter dan sprayen met CTC-spray. Geef de lammeren direct na de geboorte 50-100 ml biest van de moeder om ze op gang te helpen. Zorg dat u koeienbiest op voorraad heeft voor als een ooi geen biest heeft. Ontdooi deze biest in een bak water van maximaal 60°C en niet in de magnetron. Zorg altijd voor voldoende warmte door middel van een warmtelamp.

Overleggen naar een andere ooi

Overleggen van lammeren lukt het beste als u de ooi haar eigen lammeren niet eerst laat drooglikken, het over te leggen lam goed nat maakt met vruchtwater en direct nadat de ooi gelamd heeft het over te leggen lam erbij legt. Is het over te leggen lam al wat ouder dan helpt het om de pootjes vast te binden, zodat het blijft liggen. Als de ooi het ‘vreemde’ lam accepteert en goed droog likt, kan haar eigen lam er ook bij.

Vaccinaties

  • Bluetongue

Schapen zijn voor Bluetongue erg gevoelig, vaccinatie wordt daarom aangeraden. Lammeren kunnen vanaf de leeftijd van 1 maand gevaccineerd worden.

  • Zomerlongontsteking en ‘t Bloed

Opgroeiende lammeren zijn hier erg gevoelig voor. In het geval van ‘t Bloed treed plotselinge sterfte van snel groeiende eenling lammeren op in combinatie van voerverandering, dwz. bij het beweiden van deze dieren op eiwit rijk gras. Zomerlongontsteking komt meestal voor bij bedrijven waar veel dieren worden aangekocht. Vaccinatie kan vanaf een leeftijd van 3 weken oud, of de volwassen schapen die moeten lammeren kunnen worden gevaccineerd, een bescherming wordt dan in de biest aan de lammeren meegegeven.

  • Q-fever

Rond Uden zijn in 2008 nogal wat mensen besmet geraakt met Q-fever afkomstig van schaap en geit. Hier is daarom ook een verplichte vaccinatie van kracht. In andere gebieden is het nog vrijwillig. Voor aktuele informatie betreffende Q-fever zie http://gddeventer.com/schaapgeit/Q-fever

Scrapie

Scrapie is een dodelijke ziekte bij schapen en geiten. De ziekte is verwant aan BSE bij koeien en Creutzfeldt-Jakob bij mensen. Alle drie aandoeningen zijn vergelijkbare hersenziekten. Er is geen behandeling mogelijk. Scrapie veroorzaakt afwijkend gedrag bij schapen. Om de diagnose scrapie met zekerheid te kunnen stellen, is hersenonderzoek nodig. Of een schaap scrapie kan krijgen is erfelijk bepaald. Deze gevoeligheid is vast te stellen met bloedonderzoek. Niet ieder schaap is even gevoelig voor het krijgen van scrapie. Er zijn dieren die resistent zijn voor scrapie (erfelijke aanleg ARR/ARR).

Symptomen:

  • Leeftijd ≥ 2 jaar (meestal)
  • Afwijkend gedrag
  • Jeuk, schuren
  • Neurologische verschijnselen
  • Trillingen aan de kop
  • Schrikgedrag
  • Vermagering

Belangrijk te weten i.v.m. scrapie.

Voor verdenkingen van scrapie bestaat een meldingsplicht. U kunt het beste direct contact met ons opnemen! Op een besmet bedrijf wordt van alle dieren een bloedmonster genomen en onderzocht. De scrapiegevoelige dieren worden afgevoerd in overleg met eigenaar, dierenarts en RVV.

Vanaf 1 juli 2004 moeten schapenhouders een scrapieresistente dekram(zie http://www.scrapie.nl/) gebruiken. Hoewel er op beperkte schaal ontheffingsmogelijkheden zijn, adviseren we u om te kiezen voor een resistente ram. Het gebruik van resistente rammen zorgt ervoor dat uw koppel minder gevoelig wordt voor scrapie. De kans dat er scrapie uitbreekt op uw bedrijf, neemt dan sterk af.

Preventieve maatregelen om scrapie te voorkomen

Door te fokken met scrapieresistente rammen wordt na verloop van tijd het gehele koppel ongevoelig voor scrapie. Binnen de scrapiebestrijdingsprogramma kunnen sinds 1998 fokkers goedkoop DNA-onderzoek laten doen bij hun dieren. Dierenartsen zorgen voor begeleiding en het afnemen van bloedmonsters. Ook niet-fokkers kunnen eigen rammen op scrapie-gevoeligheid laten onderzoeken.

Drie manieren van onderzoek:

  1. U wordt deelnemer aan het Scrapiebestrijdingsprogramma en laat alle dieren registreren bij de Gezondheidsdienst voor dieren. Voor meer informatie en de prijzen voor dit onderzoek verwijzen we u graag door naar de GD-site. Resistente dieren worden als zodanig geregistreerd en ze krijgen een scrapiepaspoort.
  2. Als beperkt deelnemer aan het Scrapiebestrijdingsprogramma laat u alleen de te onderzoeken dieren registreren. Hiervoor is voor elk onderzoek een bedrijfsinspectie nodig, waarvan de kosten voor rekening van de schapenhouder zijn. Het onderzoek van de rammen is gratis en dat van de ooien kosten € 25,– per dier. Resistente dieren worden geregistreerd en krijgen een scrapiepaspoort.
  3. U laat geen dieren registreren, maar laat uw dierenarts bloedmonsters nemen. Het onderzoek kost voor ooien en voor rammen € 43,– per dier. U en uw dierenarts krijgen de uitslag. Resistente dieren worden echter niet bij de Gezondheidsdienst geregistreerd en u krijgt dan ook geen scrapiepaspoort. Hierdoor mag u dergelijke rammen niet gebruiken als dekram.

Hobby-matig gehouden dieren

Voor hobby-matig gehouden schapen (≤ 9 dieren) is deze regeling nog niet van toepassing. Ons advies is om toch een scrapieresistente ram te nemen voor de dekking.

Verdere informatie

Voor de totale en juiste kosten en/of meer advies kunt u ons altijd bellen of contact opnemen met Gezondheidsdienst voor Dieren 0900-1770 of via internet op: http://www.gd-dieren.nl/ of http://www.scrapie.nl/.